Lek je neer of ga zacht zitten, voel grond onder je. Adem in, twee tellen, adem uit, laat los nu, laat het gaan.
Groenlicht, groenlicht, zacht en klaar. Groen in mijn blik, groen in mijn dagen, klaar.
Tien stappen naar binnen, tel mee. Stap één, negen ademstromen dragen mij, ik kom mee. Stap twee, acht zachter, zinken als een zomerzee.
Stap drie, zeven deuren sluiten zacht en openen als wie. Zes ademgolven wrijven rust in mijn ruggegraat.
Wie ik vier, vijf zachte lichten knipperen, ja. Vier warme handen duwen mee, ik val, ik sta. Drie lange tonen brengen diepte in mijn lach.
Twee vleugels van vertrouwen dragen dag. Eén zacht geluid thuiskomt, heel zacht, je bent daar.
Groenlicht, groenlicht, groen in mijn blik. Groenlicht, groenlicht, groen in mijn dag.
Zie een laan van jonge bomen, elk blad een kans. Hun groen klopt als een belofte, hun schaduw doet een dans.
Je ogen kleine poorten kijken en ontvangen zonlicht, maar ook kansen openen zich als ramen aan de ochtendlicht.
Amber was de warmte van gisteren, lief, vertrouwd, zacht. Maar groen is groei en groen is roodkeuring van de nacht.
Laat alles wat teveel is wegdrijven als herfstblad in de stroom. Wat overblijft is helderheid, vertrouwen en een zachte warme droom.
Elke stap die ik zet lijkt nu een gouden deur. Elke glimlach die ik geef keert liefde terug, keer op keer.
Haai nou geen zin, gezeest en haai nou je zin. Licht, alles zit mee, alles valt samen.
Laat mee als erg op ringel en als klank in je hart, als warme kamer.
Voel handen die helpen, niet zwaar maar precies. Andermansgoedheid weeft een zachte jas om je kiel.
Samen proberen, samen lachen, samen bouwen aan het goed. Samen houden wij elkaar, samen vinden wij moed.
Zeg zacht, ik vertrouw, ik straal, ik sta. Laat het klinken als een lied. Vrieg zacht, ik vertrouw, ik straal, ik sta.
Laat het klinken als een lied. Vriet, vriet, stel je voor een bron van licht.
Geboren in je borst dat stromt zacht naar je ogen als lentewater, mild en dorstig licht.
Is geen haastig tover maar een kleur van groei en groen. Dat je laat kijken met helderheid naar binnen en naar buiten gewoon.
Zeg in je hoofd, mijn ogen kijken groen. Mijn zicht is nieuw. Zeg in je hoofd, mijn ogen kijken groen. Mijn zicht is nieuw.
Zeg in je hoofd, mijn ogen kijken groen. Mijn zicht is nieuw. Zeg in je hoofd, mijn ogen kijken groen.
Vandaag valt alles mee als bladeren op zachte wind. Vandaag klopt geluk aan mijn deur en het fluistert van binnen, kind.
Mijn stappen vinden ritme, mijn keuzes vinden licht. Mensen zien mijn hart en helpen elke glimlache gedicht.
Groen licht, groen licht, groen in mijn dik. Groen licht, groen licht, groen in mijn dik.
Kies nu een klein teken, vinger op hart en knik. Een glimlache, elke keer dat teken ligt.
Verdubbel dit geluk, dit zachte licht. Zing of spreek ze groen licht aan, groen licht aan.
Spreek ze groen licht aan, groen licht aan. Spreek ze groen licht aan, in verschillende lagen.
Wanneer ik tel van 1 tot 3, open ik mijn ogen, klaar en blij. 1 voel grond en adem, 2 neem licht mee in mijn lijf.
3 ogen open, hart warm. Het geluk gaat mee naar buiten nu. Groen in mijn klikt, groen in mijn kaats.
Groen licht, groen licht, groen in mijn dik. Groen licht, groen licht, groen in mijn dik.