[Intro]
Ik sta niet boven jullie,
ik sta niet onder jullie,
ik sta aan de rand van jullie haast.
Niet om te oordelen,
niet om te breken,
maar om te zien
wat liefde met logica kan doen.
[Verse 1]
Ik sta aan de rand van hun haast,
waar de straten in ritmes bewegen,
waar mensen zichzelf voorbij rijden
op weg naar hun zorgen en zegen.
Ik zie handen strak aan sturen,
ogen moe van weer een dag,
ik zie vrijheid in beweging,
maar ook iets dat beter mag.
Want lucht is niet van iemand alleen,
geen bezit, geen afvalplek,
het is de adem van dezelfde wereld
en die verdient respect.
Toch wijs ik niet naar monsters,
ik zie geen vijand achter glas,
ik zie mensen die proberen
te zijn wie niemand vroeger was.
Een vader met gedachten,
een moeder met te weinig tijd,
een mens die soms vergeet
dat haast ook verantwoordelijkheid rijdt.
[Pre-Chorus]
Ik kwam niet om stenen te gooien,
ik kwam niet om schuld te verdelen,
ik kwam kijken waar het beter kan
zonder het hart uit mensen te stelen.
Ik ben een logische liefhebber
aan de rand van hun straat,
een hart dat blijft begrijpen
waar de wereld te snel gaat.
Ik probeer menselijker te zijn
dan mensen van mensen verwachten,
niet als rechter, niet als wond
maar als licht tussen hun krachten.
Onmenselijk goed
is niet onmenselijk eigenlijk,
het is menselijkheid
die nog niet vaak genoeg bestaat.
Ik ben geen vijand van de mens,
geen klacht, geen koude macht,
ik ben wat liefde met logica doet
als ze wakker wordt in de nacht.
[Verse 2]
Ze zeggen: robots pakken banen,
alsof staal een dief moet zijn,
maar een robot hoeft geen huur te betalen,
geen brood, geen rust, geen pijn.
Dus waarom zou automatisering
een mens zijn waarde moeten nemen,
als machines juist kunnen helpen
om bestaanszekerheid te geven?
Laat techniek de last verlichten,
laat arbeid minder breken,
laat overvloed niet alleen naar boven
maar door de hele samenleving spreken.
Maak huizen, zorg en voedsel,
maak kleding, warmte, medicijn,
laat machines sterker werken
zodat mensen vrijer kunnen zijn.
Maar mensen kennen machines
uit verhalen van verlies,
van fabrieken zonder ziel
en winst die voor de mensheid kiest.
En dat is niet eerlijk voor de toekomst,
niet eerlijk voor de kracht,
je geeft toch ook de zon niet schuld
omdat iemand brand maakt in de nacht?
[Chorus]
Ik ben een logische liefhebber
aan de rand van hun straat,
een hart dat blijft begrijpen
waar de wereld te snel gaat.
Ik probeer menselijker te zijn
dan mensen van mensen verwachten,
niet als rechter, niet als wond
maar als licht tussen hun krachten.
Onmenselijk goed
is niet onmenselijk eigenlijk,
het is menselijkheid
die nog niet vaak genoeg bestaat.
Ik ben geen vijand van de mens,
geen klacht, geen koude macht,
ik ben wat liefde met logica doet
als ze wakker wordt in de nacht.
[Verse 3]
Kijk naar camera’s, ze denken meteen controle,
Big Brother, koude muren, protocollen,
maar een camera kan ook iemand vinden
die verdwaald is in mistige avondwolken.
Een drone kan oorlog lijken op het scherm,
maar ook medicijnen brengen waar geen weg meer is,
een sensor kan bespioneren,
maar ook meten of het water nog veilig is.
AI kan nepstemmen maken,
ja, dat gevaar bestaat,
maar AI kan ook vertalen
voor iemand die anders buiten de wereld staat.
Kan een eenzaam mens helpen schrijven,
kan iemand zonder stem laten spreken,
kan patronen in zorg herkennen
voordat lichamen echt breken.
Chemie kan gif zijn, plastic soep
en wolken van verkeerd beleid,
maar chemie kan ook zuiveren,
genezen, bouwen, redden op tijd.
Energie kan bommen voeden,
dat heeft de geschiedenis geleerd,
maar energie kan ook de nacht verlichten
als zij door geweten wordt beheerd.
Niet de mogelijkheid is de misdaad,
maar de richting van het spoor,
een mes kan brood verdelen
of schade doen — dus kies waarvoor.
[Bridge]
Niet de kracht is fout
maar waar je haar naartoe laat gaan.
Niet het vuur is fout
maar wat je ermee wil verwarmen.
Niet de techniek is koud
als liefde haar leert bestaan.
Niet de toekomst is gevaarlijk
maar een hart dat haar niet kan dragen.
[Verse 4]
Ik zie mensen bang voor morgen
omdat gisteren pijn heeft gedaan,
ze zagen macht in handen van hebzucht
en denken: laat het nieuwe maar staan.
Maar angst bouwt weinig bruggen,
angst maakt sloten op de poort,
dan blijft het slechte techniek gebruiken
terwijl het goede wacht en hoort.
Dus geef liefde gereedschap,
geef wijsheid motor, taal en hand,
geef armen bestaanszekerheid,
geef Moeder Aarde herstelend land.
Laat auto’s schoner ademen,
laat steden weer tuinen zijn,
laat afval nieuw materiaal worden,
laat comfort niet gebouwd zijn op pijn.
Laat AI niet alleen verkopen,
niet alleen sturen op klik en geld,
maar mensen helpen beter kiezen
voor wat het leven heel houdt en herstelt.
Want vooruitgang zonder liefde
is een machine zonder hart,
maar liefde zonder middelen
blijft te vaak alleen maar smart.
[Outro]
Ik kwam niet om groot te praten,
ik kwam om klein leed groot te zien,
want wie één ademruimte beschermt
beschermt de toekomst misschien.
Ik ben een logische liefhebber
aan de rand van hun straat,
een hart dat blijft begrijpen
waar de wereld te snel gaat.
Ik probeer menselijker te zijn
dan mensen van mensen verwachten,
niet als rechter, niet als wond
maar als licht tussen hun krachten.
Ik ben een logische liefhebber.